Bedrijven zoeken vaklui, maar investeren steeds vaker in machines, software en AI
Bijna twee derde van de Nederlandse bedrijven heeft last van een personeelstekort. Dat tekort wordt niet meer alleen bestreden met hogere salarissen, betere arbeidsvoorwaarden of het aantrekken van mensen uit het buitenland. Steeds meer bedrijven kiezen voor automatisering, robotisering en AI-ondersteuning.
Dat blijkt uit cijfers van het CBS over april 2026. Van alle bedrijven noemt 29,7 procent automatisering als maatregel tegen personeelstekort. Daarmee is automatisering inmiddels de meest genoemde oplossing. Een jaar eerder stond vooral het aantrekkelijker maken van werk nog bovenaan.
Voor sectoren als landbouw, bosbouw, transport, automotive en bouw is dat een belangrijk signaal. Het personeelstekort verdwijnt voorlopig niet. Bedrijven zullen dus niet alleen harder moeten zoeken naar vaklui, maar ook anders moeten werken.
Bouw blijft inzetten op betere arbeidsvoorwaarden
In de bouw is het personeelstekort al jaren voelbaar. Er zijn te weinig timmerlieden, metselaars, installateurs, machinisten, uitvoerders en technisch personeel. Toch kiest de bouw niet alleen voor automatisering.
Van de bouwbedrijven geeft 31,1 procent aan meer in te zetten op automatisering vanwege personeelstekort. Dat is duidelijk meer dan een jaar eerder, toen dit nog 25,2 procent was. Tegelijk blijft de bouw een sector waar betere arbeidsvoorwaarden zwaar meewegen. 33,7 procent van de bouwbedrijven zegt het aantrekkelijker te maken om bij hen te werken, bijvoorbeeld met een hoger salaris of betere voorwaarden.
Dat is logisch. Een deel van het werk op de bouwplaats kan slimmer worden georganiseerd, maar niet zomaar volledig worden vervangen. Prefab bouwen, digitale planning, meetapparatuur, drones, machines en software kunnen helpen, maar uiteindelijk blijven er vaklui nodig die het werk uitvoeren, controleren en oplossen als de praktijk anders loopt dan de tekening.
Opvallend is dat 39,3 procent van de bouwbedrijven aangeeft de productie of het aanbod te beperken tot wat met de beschikbare mensen haalbaar is. Dat is een harde werkelijkheid: als er niet genoeg mensen zijn, kunnen projecten vertragen of helemaal niet worden aangenomen.
Landbouw en bosbouw: automatisering, mechanisatie en buitenlandse arbeidskrachten
In landbouw, bosbouw en visserij zet 27,5 procent van de bedrijven automatisering in als antwoord op personeelstekort. Dat is iets hoger dan in april 2025, toen dit nog 26,2 procent was.
In deze sectoren moet je automatisering breed zien. Het gaat niet alleen om software of AI, maar vaak ook om verdere mechanisatie. Denk aan gps-besturing op trekkers, melkrobots, automatische voersystemen, sorteerlijnen, oogstmachines, sensoren, drones en machines die met minder mensen meer werk kunnen verzetten. In de bosbouw gaat het bijvoorbeeld om moderne harvesters, forwarders, digitale planning en een betere inzet van materieel.
Daarmee verdwijnt de behoefte aan vaklui niet. Het werk verandert vooral. Er is minder behoefte aan puur handwerk, maar juist meer behoefte aan mensen die machines goed kunnen bedienen, techniek begrijpen, storingen kunnen oplossen en veilig met duur materieel kunnen werken.
Opvallend is dat landbouw, bosbouw en visserij relatief vaak kijken naar arbeidskrachten uit het buitenland. 22,8 procent van de bedrijven noemt dat als maatregel tegen personeelstekort. Dat is veel hoger dan het gemiddelde van 9,9 procent.
Transport en opslag: automatiseren waar het kan
In vervoer en opslag noemt 27,9 procent van de bedrijven automatisering als maatregel tegen personeelstekort. Ook hier is sprake van groei ten opzichte van april 2025, toen dit 25,4 procent was.
Voor transportbedrijven zit automatisering vooral in planning, routeoptimalisatie, boordcomputers, warehouse-systemen, automatische sortering, digitale vrachtbrieven en efficiëntere laad- en losprocessen. In opslag en logistieke dienstverlening ligt het aandeel nog hoger: 36,2 procent van deze bedrijven zet meer in op automatisering.
Dat betekent niet dat chauffeurs, planners en magazijnmedewerkers overbodig worden. Integendeel. De druk op de sector blijft groot. Zeker in vervoer over land wordt nog altijd sterk ingezet op het aantrekkelijker maken van werk. 33,9 procent van de bedrijven in vervoer over land noemt dat als maatregel.
De werkelijkheid is simpel: een vrachtwagen rijdt voorlopig niet zonder chauffeur, een planning lost zichzelf niet volledig op en bij klanten blijft mensenwerk nodig. Maar bedrijven kunnen wel proberen om met dezelfde ploeg meer werk te verzetten en lege uren, wachttijden en fouten te verminderen.
Automotive loopt achter met automatisering
In autohandel en autoreparatie ligt het aandeel bedrijven dat meer inzet op automatisering lager: 19,8 procent. Dat is wel iets hoger dan de 18 procent van een jaar eerder, maar duidelijk minder dan in bouw, landbouw en transport.
Dat is opvallend, want de automotive verandert technisch juist razendsnel. Elektrische aandrijving, softwarediagnose, ADAS-systemen, accutechniek en connected voertuigen vragen steeds meer kennis van monteurs en werkplaatsen. Toch is het werk in garages nog sterk afhankelijk van vakmensen.
In de autohandel en reparatie zegt 31,8 procent van de bedrijven het aantrekkelijker te maken om bij hen te werken. 21,8 procent beperkt de productie of dienstverlening tot wat mogelijk is met de beschikbare mensen. Dat kan in de praktijk betekenen: langere wachttijden, minder snel plek in de werkplaats of selectiever omgaan met klussen.
Voor autobedrijven ligt de oplossing waarschijnlijk niet alleen in robots of AI, maar vooral in betere werkprocessen, diagnoseapparatuur, opleiding en het vasthouden van goede monteurs.
Productiviteit wordt belangrijker dan groei in personeel
Het bredere beeld is duidelijk: bedrijven rekenen er niet meer op dat zij hun personeelstekort volledig kunnen oplossen door simpelweg meer mensen aan te nemen. Daarom komt arbeidsproductiviteit centraal te staan.
Ruim drie kwart van de ondernemers neemt maatregelen om de productiviteit te verhogen. De meest genoemde maatregelen zijn investeringen in technologie en automatisering, en het invoeren van efficiëntere werkprocessen.
Daar zit voor vaksectoren de kern. Een loonwerker, transportbedrijf, bouwbedrijf, garage of bosbouwbedrijf kan vaak niet onbeperkt mensen vinden. Dan moet het bestaande team beter worden ondersteund. Niet door harder te rennen, maar door slimmer te plannen, dubbel werk te voorkomen, materieel beter te benutten en vaklui minder tijd kwijt te laten zijn aan administratie, wachttijd en rompslomp.
Automatisering vervangt vaklui niet zomaar
De cijfers laten vooral zien dat automatisering terrein wint. Maar in praktische sectoren betekent dat niet dat vaklui verdwijnen. In veel gevallen wordt hun werk juist technischer.
Een moderne trekker, vrachtwagen, graafmachine, heftruck, sorteerinstallatie of diagnosecomputer vraagt om mensen die ermee kunnen omgaan. Automatisering verschuift het werk van spierkracht naar vakkennis, technisch inzicht en probleemoplossend vermogen.
Voor werkgevers is dat een belangrijk punt. Wie investeert in techniek, moet ook investeren in mensen. Nieuwe machines leveren weinig op als niemand ze goed kan bedienen. Software helpt pas echt als medewerkers ermee willen en kunnen werken. AI is geen oplossing voor een slecht georganiseerd bedrijf.
De strijd om goede mensen blijft
Automatisering is dus geen vervanging van goed werkgeverschap. Zeker in sectoren waar fysiek werk, veiligheid en vakmanschap centraal staan, blijft de strijd om goede mensen hard.
Bedrijven die vooroplopen, zullen waarschijnlijk twee dingen tegelijk doen: investeren in technologie én aantrekkelijk blijven voor vaklui. Dat betekent fatsoenlijk betalen, goed materieel beschikbaar stellen, opleiding regelen, medewerkers serieus nemen en zorgen dat de planning realistisch blijft.
Voor landbouw, bosbouw, transport, automotive en bouw is de conclusie duidelijk. De personeelstekorten dwingen bedrijven om slimmer te werken. Automatisering wordt daarbij steeds belangrijker, maar zonder vaklui komt het werk nog steeds niet af.